Met zijn achtergrond in IT en cybersecurity draagt hij bij aan een veilige uitrol van laadinfrastructuur. “De NAL was op zoek naar iemand die leiding zou kunnen geven aan digitale veiligheid. Toen ze bij mij uitkwamen, heb ik volmondig ja gezegd. Ik vond het een mooie kans om te helpen en de laadinfrastructuur veiliger te krijgen.”
"Iedereen in de keten heeft een verantwoordelijkheid om de laadinfrastructuur veilig te houden.”
Het moet ook veilig
Harm is betrokken bij de NAL vanuit ElaadNL, een kennis- en innovatiecentrum dat zich bezighoudt met het slim en duurzaam opladen van elektrische voertuigen. “Met name de technische kant van elektrisch vervoer en infrastructuur vind ik heel leuk. Mijn drive is om ervoor te zorgen dat dingen digitaal veilig zijn. Mensen kijken vaak naar innovatie en verduurzaming, maar we moeten niet vergeten dat het ook veilig moet – elektrotechnisch én digitaal.”

Vertaalslag maken
Harm weet wat de risico’s zijn als cybersecurity niet goed geregeld is. “Hoe meer onze mobiliteit afhankelijk wordt van de laadinfrastructuur, hoe belangrijker het wordt dat het blijft werken. We moeten rekening houden met cyberaanvallen en sabotage, zeker met de geopolitieke spanningen van nu. Het is belangrijk om het belang van digitale veiligheid op een begrijpelijke manier te vertalen voor iedereen die hiermee te maken heeft.”
Wetswijziging helpt om laadinfrastructuur veilig te houden
De tussentijdse wetswijziging Wet beveiliging netwerk- en informatiesystemen (Wbni) was voor Harm een moment van trots. “Hier heeft de werkgroep een belangrijke rol in gespeeld. In de Wbni werd opgenomen dat laadpaalbeheerders die meer dan 300 megawatt aan vermogen beheren, een meldplicht hebben. Ze moeten incidenten (met een mogelijke impact) van 100 megawatt of meer melden bij het Nationaal Cyber Security Centrum (NCSC). Dat helpt om maatregelen te nemen zodat de laadinfrastructuur in Nederland veilig blijft.”
Nu investeren bespaart kosten
Tegelijk beseft Harm dat er nog grote uitdagingen zijn. “Op het gebied van cybersecurity is dat het samenbrengen van de belangen en doelen van de overheid en van het bedrijfsleven. De overheid wil dat er veilige laadinfrastructuur komt. Dat vraagt initieel om investeringen, maar bespaart op de lange termijn kosten. Door nu zaken als software, regelgeving en certificering goed te regelen, kunnen organisaties later grote financiële schade door hacks voorkomen.”
Op weg naar een cyberveilige laadinfrastructuur in 2030
Wanneer is de NAL een succes? “Als de publieke en private laadinfrastructuur standaard (cyber)veilig is in 2030”, stelt Harm. “De sleutel tot succes is ten eerste communicatie: uitleggen waarom dingen veilig moeten zijn en duidelijk maken dat iedereen een rol heeft in het systeem. Ten 2e is de samenwerking tussen private en publieke partijen van belang. De NAL moet blijven ophalen wat private partijen nodig hebben en checken of het haalbaar is wat er uitgevraagd wordt. Als laatste hebben we duidelijke wet- en regelgeving nodig qua cybersecurity, zodat we een level playing field hebben in heel Europa."
Gedeelde verantwoordelijkheid
Als Harm één boodschap zou moeten meegeven, dan is het dat iedereen in de keten een verantwoordelijkheid heeft om de laadinfrastructuur veilig te houden. “Van degene die de uitvraag doet, via het bedrijf dat de laadpalen neerzet, tot de installateur die de laadpalen installeert en controleert.”
Ieder zijn eigen rol
De vorige gast, Stefan Hoks, stelde als doorgeefvraag: “Hoe zorgen we ervoor dat de groei van laadinfrastructuur niet alleen functioneel is, maar ook bijdraagt aan een prettige en mooie fysieke leefomgeving?”
“Ik denk door innovaties in design, manier van laden en techniek”, antwoordt Harm. “Dus door te kijken hoe de infrastructuur mooier, sneller, beter en makkelijker kan. Een voorbeeld is het combineren van functies, zoals een lantaarnpaal met oplaadmogelijkheid. Zoeken naar dat soort combinaties kan bijdragen aan een goede inpassing in de buitenruimte.”
De vraag die Harm stelt aan de volgende gast in Achter de stekker:
“Hoe houd je in het werk rekening met cybersecurity en welke rol speel je daarin?”